Expositie Mena : Militaire ereschuld

Expositie Mena : Militaire ereschuld

Als kind zag ik mijn opa – Dominggus Wattimury – altijd typen aan de eettafel. Zijn houding en de geluiden van de typemachine staan in mijn geheugen gegrift, ook al had ik op dat moment geen idee wat hij aan het doen was. Op mijn vijfendertigste – mijn opa was inmiddels al overleden – vroeg ik me af wat hij allemaal had opgetekend. Ik heb zijn documentatie mogen inzien. De tranen liepen mij over de wangen toen ik de vele brieven las die hij – ondanks zijn gebrekkige Nederlands – naar het ministerie had gestuurd. Hij verhaalde over het aanvechten van zijn ontslag en over de openstaande ereschulden van de Nederlandse staat. Tot zijn dood heeft mijn opa zich hiermee beziggehouden.

Zijn doorzettingsvermogen inspireert mij al jaren om zijn werk af te maken. Ik ben nu bezig met het oprichten van een landelijk Moluks inspraakorgaan, als gemeenschap moeten we ons inzetten op drie zaken: erkenning en waardering, een grootschalig onderzoek naar schendingen van (mensen)rechten door de Nederlandse staat en genoegdoening. Ik zie het als mijn opdracht dit te doen, omdat mijn grootouders mij alles hebben gegeven.

Het Draaginsigne Gewonden. Een van de onderscheidingen van de grootvader van Wattimury. Het is een zichtbaar teken van respect voor en dank aan hen die tijdens oorlogen of vredesmissies lichamelijk of geestelijk gewond zijn geraakt. De onderscheiding is uniek: het is aan minder dan één procent van alle Nederlandse militairen uitgereikt. Wattimury’s grootvader raakte als commando van de militaire inlichtingendienst NEFIS gewond tijdens een training. Het Draaginsigne Gewonden met bijbehorende genoegdoening krijg je niet vanzelf. De grootvader van Wattimury heeft ervoor moeten vechten, omdat het in eerste instantie niet toegekend werd. Om die reden staat dit ereteken voor Wattimury symbool voor het inlossen van de ereschulden.

De ereschuld bestaat onder andere uit nooit uitbetaald salaris en pensioen, maar ook uit het schenden van (mensen)rechten en de grote schade die de staat bij deze groep militairen en hun gezinnen heeft aangericht. Zo is bijvoorbeeld het recht geschonden om gedemobiliseerd te worden op plaats van keuze. Ook zijn er honderd vrouwen en driehonderd kinderen van Molukse militairen achtergelaten in het toenmalige Indië en werd gezinshereniging niet toegestaan.

Marcel Wattimury – Alphen aan de Rijn, 1978 

Bron : https://www.moza.nu/mena/marcel-wattimury-militaire-ereschuld

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *