Zestig jaar Molukkers in Deventer herdacht met een lach en een traan: ‘Het was ons eerste stenen huis’

Zestig jaar Molukkers in Deventer herdacht met een lach en een traan: ‘Het was ons eerste stenen huis’

Ze groeiden op in meerdere Nederlandse barakkenkampen, tot ze in 1961 een woning kregen toegewezen in het Deventer Oranjekwartier. De zussen Paulina (66) en Pola (70) Turubassa behoren tot een van de drie eerste Molukse families die hier terecht kwamen. Pola was toen tien jaar oud: ,,We hadden met acht kinderen en onze ouders drie slaapkamers.’’

Maar dat was al een hele verbetering vergeleken met waar ze vandaan kwamen. Pola woonde in vier voormalige concentratiekampen voordat ze vanwege het verspreidingsbeleid van de Nederlandse overheid in 1961 in Deventer terecht kwam. Ze sliep in barakken en de families kookten in een gezamenlijke keuken.

Over die tijd wordt nauwelijks gesproken. Ook nu, tijdens de herdenkingsdienst Zestig jaar Molukse wijk in Deventer in de Maranathakerk midden in de wijk, is het enige wat ze erover zegt: ,,Westkapelle, mei 1956. Zoek dat maar op.’’ De overheid wilde daar de centrale keuken in het woonoord afschaffen. De Molukkers die voorheen door de overheid van levensmiddelen werden voorzien, zouden vanaf dat moment zelf voor hun eten moeten zorgen. Steeds meer Molukkers kwamen in opstand. De politie kwam een einde maken aan de onrust. Daar vielen slachtoffers bij. 

Of zoals Pola zich die dag in Westkappele herinnert: ,,Er kwam een busje aan. De deuren gingen open en er werd op voetballende mannen geschoten. Mijn moeder kwam aangerend, pakte me beet. We verscholen ons.’’

De zussen Paulina (l) en Pola (r) Turubassa behoren tot een van de drie eerste Molukse families die naar Deventer kwamen.
De zussen Paulina (l) en Pola (r) Turubassa behoren tot een van de drie eerste Molukse families die naar Deventer kwamen. © Ronald Hissink

Veel Molukse soldaten hebben in de Tweede Wereldoorlog gevochten tegen de Japanners. Later werden ze ook ingezet als strijdkracht in de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog, omdat Nederland het toenmalige Nederlands-Indië wilde behouden als kolonie. Na hun diensttijd konden ze daar niet worden ontslagen, luidde een rechterlijke uitspraak, omdat ze op grondgebied van een vreemd land stonden. 

Zodoende kwamen deze soldaten en hun families naar Europa. Op de Nederlandse kade kregen ze hun militair ontslag. Zonder enige erkenning of waardering voor hun daden. Omdat men, zowel de Nederlandse overheid als de Molukkers zelf, ervan uit ging dat ze slechts tijdelijk in Nederland zouden blijven, werden ze afgezonderd van de maatschappij. 

Er was armoede, maar we keken naar elkaar om. De buurman werd je broer, want je had niemand andersdominee Toisuta

Tot halverwege de jaren 50. Opeens moesten de Molukkers voor zichzelf zorgen: werk zoeken, hun eigen huur en of eten betalen. De kwaliteit van de barakken verslechterde elk jaar. Eind jaren 50 kwam een speciaal opgerichte commissie met een voorstel om speciale wijken te bouwen voor de Molukkers. Een daarvan is die in het Deventer Oranjekwartier. 

De buurman werd je broer

De familie Turubassa was één van de drie eerste Molukse gezinnen die naar Deventer kwamen. ,,Het was ons eerste stenen huis. Ik herinner me vooral dat ik nooit in mijn leven zoveel tv-antennes zag’’, zegt Pola lachend. Ze zit naast haar zus op een houten stoeltje in de Maranathakerk. De dienst is net voorbij. 

Molukkers komen bijeen in de Maranathakerk voor een herdenkingsdienst vanwege het zestig jarig bestaan van de Molukse wijk in Deventer.
Molukkers komen bijeen in de Maranathakerk voor een herdenkingsdienst vanwege het zestig jarig bestaan van de Molukse wijk in Deventer. © Ronald Hissink

Samen met haar zus vertelt ze over vroeger: ,,Mijn vader kreeg een baan bij Auping. We hadden het niet breed. Met acht kinderen en onze ouders in een huis met drie slaapkamers. Er werd thuis niet gepraat over wat ze allemaal hadden meegemaakt. Dat is heel beladen. Maar we hebben geen makkelijke jeugd gehad, door de trauma’s van onze ouders.’’

Dominee Toisuta vatte het volgens de zussen mooi samen tijdens de dienst. Hij zei: ,,In de wijk stond een houten kerkgebouw en een schooltje. We kijken samen terug, iedereen op zijn eigen manier, met een lach en een traan. Onze ouders hebben hun dorp en hun familie verlaten. Ze kwamen alleen in een vreemd land. Ze wilden terug maar moesten hier blijven. Er was armoede, maar we keken naar elkaar om. De buurman werd je broer, want je had niemand anders. En zo moeten we ook verder. Samen. Wij zijn één grote familie hier in Deventer.’’

Bron : Zestig jaar Molukkers in Deventer herdacht met een lach en een traan

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *