Advies: Nederlandse Staat moet excuses slavernij aanbieden

Advies: Nederlandse Staat moet excuses slavernij aanbieden

De Nederlandse Staat moet excuses aanbieden voor het slavernijverleden. Daarnaast moet Nederland erkennen dat de slavernij en slavenhandel misdrijven tegen de menselijkheid waren en inzien dat de gevolgen van het slavernijverleden nog altijd voelbaar zijn. Dat vindt een commissie die in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken advies uitbrengt over hoe om te gaan met het slavernijverleden.

Het Adviescollege Dialooggroep Slavernijverleden begon vorig jaar op verzoek van het ministerie met het rapport over het Nederlandse slavernijverleden en welke effecten dit vandaag de dag nog heeft. Vandaag op Keti Koti – de herdenking en viering van de afschaffing van de slavernij in Suriname en de Antillen – werd het 217 pagina’s tellende rapport gepresenteerd. Het rapport gaat over de periode tussen de zeventiende eeuw en 1 juli 1863 (de dag dat de slavernij formeel werd afgeschaft) en de gevolgen van de slavernij.

‘Geen juridische grondslag voor herstelbetalingen’

De adviescommissie doet in het rapport een fors aantal aanbevelingen. Zo moet het kabinet opdracht geven tot een nationaal onderzoek naar het slavernijverleden en moet van 1 juli een nationale herdenkingsdag worden gemaakt. De koning en kabinet wordt geadviseerd daarbij aanwezig te zijn als erkenning “dat het slavernijverleden het hele land aangaat”.

Daarnaast adviseert de commissie een nationaal slavernijmuseum op te richten “waarin op ruime en toegankelijke wijze het slavernijverleden en de doorwerking daarvan worden getoond”. Ook moet het onderwijs over het slavernijverleden op alle niveaus in het curriculum wordt verankerd.

Verder doet de commissie nadrukkelijk aanbevelingen op het gebied van het aanpakken van institutioneel racisme. “De bestrijding van institutioneel racisme op de arbeidsmarkt, de woningmarkt, het onderwijs en de politie specifieke en dringende aandacht”, staat te lezen. Die vormen van racisme zijn volgens het adviescollege voortgevloeid uit de slavernij en het kolonialisme.

Geld voor herstelbeleid

Om die gevolgen van het slavernijverleden te verminderen moet geld worden vrijgemaakt. Hiervoor is een herstelbeleid nodig, waartoe een fonds moet worden opgezet. De Caribische landen, en waar zo mogelijk Suriname, moeten ook over dat herstelbeleid kunnen meedenken.

In deze video legt NOS op 3 meer uit over het verleden, en de discussie rondom het excuses:

De commissie maakt duidelijk dat het fonds niet voor herstelbetalingen bedoeld is. Het adviescollege heeft wel onderzoek laten doen naar herstelbetalingen, maar concludeert dat het daarvoor te lang is geleden en dat hier juridisch geen grondslag voor is. Het geld uit het herstelfonds zou bijvoorbeeld moeten worden gebruikt voor een nationaal museum.

Excuses vanuit de Staat, niet vanuit individuen

Het onderwerp excuses komt uitgebreid aan bod in het rapport. Het adviescollege benadrukt dat het niet gaat om excuses vanuit individuele personen, maar om de Staat als geheel. Als “rechtsopvolger van de eerdere Nederlanden” is het aan het huidige kabinet om excuses te maken voor het “direct of indirect toestaan” van de slavernij en slavenhandel, vindt het adviescollege.

“Het gaat er niet om individuele personen aan te wijzen als schul­digen, maar om het erkennen door de Staat der Nederlanden van het door de slavernij toegevoegde leed.” De commissie wijst er daarbij op dat landen als Duitsland, België, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten hierin zijn voorgegaan.

‘Eerste stap’

Demissionair minister Ollongren van Binnenlandse zaken nam het rapport van het adviescollege in ontvangst. Volgens haar is het document “een eerste belangrijke stap richting bredere erkenning en inbedding van ons gedeelde verleden”.

Het rapport biedt een belangrijke bijdrage aan het maatschappelijk debat, zei Ollongren. “Op deze stap zullen weer stappen volgen. Welke, en hoe, dat is aan het nieuwe kabinet dat met een inhoudelijke reactie zal moeten komen op de adviezen.”

De adviescommissie markeert 2023 als belangrijk jaar. Op 1 juli 1873 werden de voormalige slaven definitief vrij van werken op de plantages (tien jaar eerder was de slavernij al formeel afgeschaft). Honderdvijftig jaar na die datum zou het herstelfonds in moeten gaan.

D66 en GroenLinks stelden voor om van 2023 een nationaal herdenkingsjaar te maken. Demissionair premier Rutte vond dat een goed idee, zo zei hij. De adviescommissie vindt 1 juli 2023 daarvoor een “mooie, symbolische datum”.

Bron : https://nos.nl/artikel/2387484-advies-nederlandse-staat-moet-excuses-slavernij-aanbieden

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *